De knoop is doorgehakt. Na de Tweede Kamer heeft op 7 juli 2026 ook de Eerste Kamer ingestemd met de Wet meer zekerheid flexwerkers. Daarmee is de weg vrij voor, naast de Wet DBA, één van de meest ingrijpende hervormingen van de Nederlandse arbeidsmarkt in jaren. Met circa 2,7 miljoen flexwerkers is Nederland al lange tijd Europees koploper op het gebied van flexibele personeelsinzet, maar dat beeld gaat de komende jaren veranderen.
De meeste onderdelen van de wet treden naar verwachting op 1 januari 2028 in werking. De exacte datum wordt nog vastgelegd in een Koninklijk Besluit. Vooral de afschaffing van nulurencontracten heeft grote gevolgen voor organisaties. Medewerkers die nu flexibel worden ingezet op basis van een oproepcontract, krijgen straks een bandbreedtecontract met een minimum en maximum aantal uren. Daarmee verschuift een deel van de huidige flexibele schil naar de vaste formatie. De uitdaging ligt daardoor niet alleen meer in het maken van een goed rooster, maar vooral in het bepalen van de juiste formatie. Organisaties die hier nu al op anticiperen, voorkomen straks onnodige kosten en behouden tegelijkertijd voldoende flexibiliteit.
Met de Wet meer zekerheid flexwerkers wil de overheid werknemers meer inkomenszekerheid bieden en draaideurconstructies met tijdelijke contracten tegengaan. De belangrijkste maatregelen zijn:
Voor organisaties die sterk leunen op nulurencontracten, zoals in de zorg, logistiek, industrie en horeca, is vooral de eerste wijziging ingrijpend. De mogelijkheid om medewerkers uitsluitend op te roepen wanneer het druk is, verdwijnt grotendeels. Dat vraagt om een andere manier van kijken naar personeelsinzet.
De grootste impact van de wet zit in de afschaffing van het nulurencontract. Organisaties die nu veel gebruikmaken van oproepkrachten krijgen straks te maken met bandbreedtecontracten, waarbij medewerkers recht hebben op een minimaal aantal contracturen. Die uren maken feitelijk onderdeel uit van de vaste formatie.
Hierdoor verschuift de uitdaging van operationeel plannen naar strategische formatiebepaling. De vraag is straks niet alleen hoeveel medewerkers je tijdens piekmomenten nodig hebt, maar vooral hoeveel basisuren je structureel kunt garanderen zonder onnodige personeelskosten te maken. Een te ruime formatie leidt tot betaalde uren waarvoor onvoldoende werk is. Een te krappe formatie zorgt juist voor capaciteitsproblemen en een grotere afhankelijkheid van duurdere flexibele oplossingen.
De kern van de uitdaging verschuift daarmee van het dagelijks opvangen van personeelsvraagstukken naar het zorgvuldig bepalen van de juiste formatie, rekening houdend met zowel de structurele als de flexibele personeelsbehoefte.
Dit zijn de belangrijkste gevolgen:
De praktijkervaring van Déhora Consultancy rondom de invoering en handhaving van de Wet DBA laat zien dat organisaties die zich tijdig voorbereiden op nieuwe wetgeving, beter in staat zijn de veranderingen op te vangen. Diezelfde les geldt nu opnieuw, de afschaffing van nulurencontracten vraagt om een andere kijk op formatie, capaciteitsplanning en de balans tussen vaste en flexibele personeelsinzet. Organisaties die nu al scenario’s doorrekenen en hun formatie tegen het licht houden, creëren voldoende ruimte om de overgang naar de nieuwe wet zorgvuldig voor te bereiden. De nieuwe wet vraagt om een volwassen aanpak van Workforce Management.
Analyseer historische data om de toekomstige werklast nauwkeuriger te voorspellen. Wanneer piekt de vraag werkelijk en welke patronen zijn zichtbaar per seizoen, week of dag? Hoe beter de capaciteitsbehoefte in beeld is, hoe beter de nieuwe bandbreedtecontracten kunnen aansluiten op de werkelijke personeelsvraag.
De afschaffing van nulurencontracten vraagt om een andere manier van formatiebepaling. Bepaal welke capaciteit structureel nodig is en welk deel van de vraag flexibel blijft. Gebruik historische bezettingsgegevens, seizoenspatronen en prognoses om de minimale contracturen zo goed mogelijk aan te laten sluiten op de werkelijke personeelsbehoefte. Zo voorkom je zowel onnodige loonkosten als een tekort aan capaciteit tijdens piekmomenten.
Handmatig plannen in Excel wordt met de nieuwe regelgeving steeds lastiger. Planners krijgen te maken met complexere contractvormen, strengere wetgeving en meer afhankelijkheden tussen formatie en planning. Geïntegreerde Workforce Management software, ondersteund door slimme automatisering en AI, helpt bij het voorspellen van capaciteitsbehoeften, het opstellen van optimale roosters en het tijdig signaleren van afwijkingen.
De afschaffing van nulurencontracten betekent niet dat flexibiliteit verdwijnt, maar wel dat organisaties anders moeten omgaan met hun personeelsinzet. Een deel van de huidige flexibele schil verschuift naar de vaste formatie, waardoor strategische formatiebepaling belangrijker wordt dan ooit.
Organisaties die nu investeren in capaciteitsplanning, een passende formatie en slimme planningsprocessen, kunnen ook na 2028 flexibel blijven opereren zonder onnodige personeelskosten. Daarmee wordt deze wetswijziging niet alleen een verplichting, maar ook een kans om Workforce Management structureel te versterken.
Levertijd verschuift razendsnel van “morgen in huis” naar levering binnen enkele uren, en wordt daarmee een steeds belangrijkere factor in de keuze van klanten. Niet snelheid op zich, maar de juiste timing bepaalt of een organisatie het verschil maakt. Bedrijven die tijd strategisch inzetten, creëren daarmee een nieuw concurrentievoordeel.
Strategische personeelsplanning (SPP) helpt organisaties om personeelstekorten, vergrijzing en technologische ontwikkelingen proactief aan te pakken. In deze blog delen we de belangrijkste inzichten uit het webinar over Strategic Workforce Planning en laten we zien hoe je met data, duidelijke keuzes en een concrete tijdshorizon grip krijgt op je toekomstige personeelsbezetting. Ontdek de zes praktische fundamenten om van brandjes blussen naar regie voeren te bewegen.
Organisaties die forecasting en capaciteitsplanning integreren in hun strategische personeelsplanning, kijken verder dan de uitdagingen van vandaag. Zo kunnen ze tijdig inspelen op veranderingen, personeel en middelen efficiënter inzetten en beter voorbereid zijn op de toekomst. Dit levert niet alleen rust en voorspelbaarheid op, maar ook een duurzaam concurrentievoordeel.